Jasper Krabbé

Work / News / Books / Info / Blog

Het parool/Opium/ArtMen

Een mix van carnaval en totale gekte
January 30 2013

Hij is 71 jaar en verbruikt nog altijd een dozijn St. Michel sigaretten per week en een fles jonge Bols per dag. Met zijn lange regenjas, lange grijze baard en alpinopet lijkt hij een zwerver of mystieke pilgrim, onderweg naar een volgend schilderij (of café).

Schilder Fred Bervoets. Afgelopen week trof ik deze oude meester in Antwerpen in Galerie De Zwarte Panter waar hij exposeert.

Fred kwam net bovendrijven. Hij had om vier uur ‘s nachts het overschot van de mosselen van vorige avond gebakken en was toe aan haring en franse kaas , met een glaasje uiteraard. Wat James Ensor voor Oostende was is Bervoets voor Antwerpen: (stads)chroniqueur van absurdistische taferelen. Voortgekomen uit jeugdherinneringen en dromen in de tradititie van het typisch Vlaams surrealisme van Magritte of Kamagurka: een mix van carnaval en totale gekte.

In de donker ogende, monumentaal ingeschilderde ets ‘Klokken voor kanonnen’ mixt Bervoets technieken en motieven lekker door elkaar. Zo wordt tegelijkertijd de klok van de kerk gerepareerd, terwijl Popeye en Brutus in de lucht zweven en een reusachtige non wegvlucht. Schrijver en vriend Hugo Claus roemde dit werk om zijn atmosfeer die hem deed denken aan zijn grote roman ‘Het verdriet van België’.

Een tijdje schilderde Bervoets zogenaamde ‘Spaghetti’ schilderijen. Uitzinnige doeken met sliertige figuren die goed verkochten. Toen galeries eropaan drongen dat hij daarmee doorging weigerde Bervoets; "Mijn pijp was uit spaghettis te maken." Liever schildert hij voor het avontuur.

Dat is te zien in het 3 bij 16 meter grote meesterwerk ‘Nevada’. Dit werk lag 22 jaar opgerold in zijn atelier, zelfs de poezen sliepen erin. Nu is het te zien in het Museum voor Hedendaagse kunst (MuHKA).

In het museum zit een klas jonge kinderen voor het werk. Bij die aanblik schiet Bervoets vol, terugkijken is niet goed zegt hij. Komt door zijn dochter, waar hij geen contact meer mee heeft. Hij pinkt een traantje weg. Dan optimistisch: "Maar we zijn onderweg broeder!" Daar drinken we op.

Het parool
Opium
PAULINA OLOWSKA
STEDELIJK
WIT
ArtMen